|
maandag, 14 december 2009 23:44 |
 In het Bouwhuiscafé werd onlangs een avond georganiseerd over het fenomeen stedenbouw. Tijdens het debat greep een architect zijn kans om via de interruptiemicrofoon zijn ongenoegen te uiten over Apeldoorn. Hij kwam zelden in Apeldoorn, maar toen hij er wel eens kwam zag hij een schokkend verschijnsel: twee oudere mensen met dezelfde (nieuwe) fiets en dezelfde jacks. Het ultieme voorbeeld van tuttigheid. Snel moesten de stedenbouwkundigen meer stedelijkheid toevoegen om dit vreselijke verschijnsel de kop in te drukken. Hij gruwde ervan. En hij kreeg nog applaus ook!
Wat is er nu mis met deze fietsers? Ik ken er enkele: echtpaar A, echtpaar B en echtpaar C. Ze betalen redelijk veel OZB, zijn actief in het verenigings- en vrijwilligerswerk, ze fietsen veel (weinig CO2), ze zijn door hun tuttigheid waarschijnlijk braaf en oppassend. Geweldige mensen! Ik druk hen aan mijn hart! Zo moesten er meer zijn! Stomme architect: terug naar het Westen svp, je hebt hier niets te zoeken.
Toch wil ik nog wat zeggen tegen echtpaar A, B en C. Meneer A: was u het niet die in de fifties met veel lawaai demonstreerde tegen de Gemeente, toen “Rock aroud the Clock” werd verboden? En meneer B, was u het niet die door drank onbekwaam geworden door z’n vader per kruiwagen uit de kroeg werd opgehaald? En meneer C, was u het niet die met uw Puch met hoog stuur mijn oma in 1963 op de Paslaan van de sokken reed?
Waarom klaagt u dan zoveel bij mij over de jeugd? Natuurlijk, bushokjes heel laten en spiegels op de auto’s laten zitten, anders de gevangenis in. Maar jong zijn, (rond)hangen, en grenzen opzoeken moet ook kunnen. Als u nu eens wat met meer begrip met de jeugd omgaat, zal ik er voor zorgen dat die stomme architect wegblijft uit Apeldoorn. En dan zijn we allemaal tevreden.
|
|
|
maandag, 14 december 2009 23:43 |
 Onlangs spraken we in de PMA over City-branding. Ik wist aanvankelijk niet eens wat het was, maar het ging er over Apeldoorn op te stoten in de vaart der volkeren. Dat moet dan gepaard gaan met een kreet, zoals: “er gaat niets Boven Beesterzwaag”, en “Siddeburen Siddert”, enzovoorts. Het college had een duur bureau opdracht gegeven één en ander uit te zoeken, en wat bleek; Apeldoorn was de afgelopen 5 jaar gedaald van de 12e naar de 24ste plaats als aantrekkelijke woonstad. Een opgetrommelde hoogleraar Citybranding (ze bestaan écht!) bevestigde de treurige cijfers. Hoog tijd voor actie!
En nee, het feit dat we de afgelopen jaren Orpheus hebben opgeknapt, het Stationsplein schitterend is geworden, het Omnisportcentrum er fier bijligt, er een schitterende nieuwe wijk (Zuidbroek) wordt gebouwd, het is allemaal vergeefse moeite geweest.
Ik leerde op die vergadering nog een andere kreet: het waterbedeffect. Als wij in Apeldoorn te weinig aan criminaliteitspreventie doen, komen alle criminelen naar Apeldoorn. Gaan we meer aan die preventie doen, vertrekken de criminelen weer naar de volgende stad. Dus: als men in Sint Biggeklooster de kreet: “St.Biggeklooster, Groen en Geweldig” bedenkt, dalen we misschien zelfs naar de 30ste plaats. Alweer : hoog tijd voor actie! Treurig moet ik vaststellen dat we het altijd verkeerd hebben gedaan. We hoeven helemaal geen goede stad te zijn. We hoeven helemaal niet te zorgen voor een goed woon- en leefklimaat. Gewoon een goede kreet bedenken, en we horen er weer helemaal bij. Mensen, verzin die kreet. Onder de beste inzendingen verloten wij een enkele reis naar België. Want: België Bestaat! Ik krijg nu al zin in een glaasje Duvel.
|
|
|
|
|
|